Thomas Beerdsen verslaat iedereen

 

Thomas Beerdsen aan het bord bij Henk Abels. (foto Marcel Rodewijk)

Thomas Beerdsen aan het bord bij Henk Abels. (foto Marcel Rodewijk)

 

 

 

 

100 procent score bij simultaan in Epe

Geen kruid tegen gewassen. Internationaal meester Thomas Beerdsen uit Apeldoorn blijkt sterker dan alle schakers van De Zeven Pionnnen samen. Nou ja, een beetje overdrijven mag natuurlijk ook wel. Feit is dat Thomas bij de simultaan in Epe alles en iedereen heeft verslagen. Een 100 procent score dus en dat is heel goed.

Thomas (18 jaar is hij) is geen onbekende bij De Zeven Pionnen. Diverse malen heeft hij deel genomen aan ons jaarlijkse rapidtoernooi en dat ook gewonnen. Ditmaal heeft de Eper vereniging hem uitgenodigd om het seizoen 2016 – 2017 af te sluiten. Het is een mooi en gezellig slot geworden. Niemand heeft echter Thomas kunnen bedreigen. Berry van der Wee, Peter Overbeek, Zeco Ugljanin en Henk Abels houden het lang vol en lijken misschien een remise binnen bereik te hebben. Maar ook zij moeten aan het eind van de avond berusten in het onvermijdelijke en hun koming omleggen.

De schrijver van dit stukkie speelde een korte en leuke partij.

wit: Thomas Beerdsen  zwart: Andries Elskamp

  1. e4 – c5 2. Pf3 – d6 3. d4 – cd4 4. Pd4 – Pf6 5. Pc3 – a6 De Najdorf van het Siciliaans en dat hebben we vaker tegen elkaar gespeeld, maar nog nooit ben ik zo van het bord geveegd als in deze partij.
    6. Le3 Eén van de vele mogelijkheden.
    6…. – Pg4 7. Lc4 Deze zet heb ik nooit gezien. Gebruikelijk is Lg5 en vervolgens h6 en eventueel g5. Het thema van 6. Lc4 is meteen duidelijk: druk op f7 via de loper en de open f-lijn.
    7… – Pe3 8. fe3 – e6 Op deze zet had ik mijn hoop gevestigd. Het lijkt een heel logische zet: onderbreekt de aanvalslijn van de loper en houdt veld d5 onder controle. Maar het blijkt later de verliezende zet en het is nog allemaal bijna geforceerd ook. De enig mogelijke zet is 8… – Pd7 en vervolgens Pe5 om veld f7 te dekken en de loper weg te lagen, vertelde Thomas na afloop. Wat volgt is vreselijk.
    9. 0 – 0 – Le7 10. Tf7!! Wanneer dit soort zetten goed zijn…
    10… – Kf7 11. Dg4 – Lf6 Wat anders? Is er nog een alternatief?
    12. Pe6 – Le6 13. De6 – Kg6 14. Df5 – Kh6 15. Dh3 – Kg6 ? Mogelijk en iets beter is nog 15… – Lh4. Maar dan komt de andere witte toren via Tf1 beslissend in het spel.
    16. Pe5 – h5 17. Pf4 – Kg5 18. Df5 – Kh4 19. g3 en mat. Schrale troost, aldus een belangstellende en humoristische omstander: zwart staat nog steeds een toren voor.

Veddervariant maakt weer slachtoffer

Bij snelschaak- en rapidpartijen is het altijd zaak niet in de truckendoos van je tegenstander te geraken. Mij overkwam het tijdens het rapidtoernooi 2016 in Epe. Tegenstander Richard Vedder uit Nijkerk en speler van En Passant heeft een variant en een opmerkelijk torenoffer op zijn naam staan. Hij en zijn broer Henk hebben al menig slachtoffer gemaakt met die variant. Nieuwsgierig? Tim Krabbé heeft er een heel leesbaar en aardig artikel aan gespendeerd (19 november 2005). Krabbé noemt de variant het Vedderoffer. Ik verloor er dus ook kansloos mee, maar dat is op zich geen schande. Tussen Vedder en ik gaapt een kwaliteitsgat van vele honderden Elo-punten. Desondanks, de Veddervariant en het Vedderoffer kende ik niet en die is dus ook best aardig. Het gaat zo:

wit: Richard Vedder
zwart: Andries Elskamp
Epe 20 februari 2016, zesde ronde

1. e4 – c5 2. Pf3 – d6 3. Pc3 – Pf6 4. e5  Een manier om vele varianten van de Najdorf te omzeilen.
4… – de5 5. Pe5 – a6 6. g3 Om deze zet gaat het, de nieuwe zet van de gebroeders Vedder. Hoewel nieuw, de zet stamt volgens Krabbé uit 1992 en zou achter het bord door broer Henk bedacht zijn.
6… – Dc7 7. d4 – cd4 8. Dd4 – Pc6 9. Pc6 – Dc6 10. Lg5

vedderdiagram

Stand na 10. Lg5

En dit is het torenoffer. ‘Dit kan niet waar zijn’, was mijn eerste gedachte achter het bord. Maar wanneer zwart het offer aanneemt ontstaan vele dreigingen, ingegeven door de ontwikkelingsvoorsprong van wit en de positie van de zwarte koning midden op het bord. Ik wilde het mezelf laten bewijzen en nam de toren. Dat stuk lachte ook zo vriendelijk tegen mij. ‘Neem me dan’, leek het te zeggen. Bovendien, wat is het alternatief voor zwart? Na afloop vertelde Richard mij dat de hele variant slecht is voor zwart. Hij staat nu al verloren. Alleen Sofia Polgar bereikte er met 10… – h6 op het nippertje nog remise mee. Zie de onvolprezen site van Tim Krabbé.
10… – Dh1 11. 0-0-0 – Pd7 12. Pd5! en wit won eenvoudig. Er volgde volgens mij nog iets in de trant van:
12… – Tb8 13. Lh3 – Dd1 14. Kd1 – f6 15. Pc7 – Kd8 16. Pe6 – Ke8 17. Lf4 – Ta8 18. Pc7 – Kd8 19. Ld7 – Ld7 20. Pa8 – e5 21. Db6 en na nog enkele zetten gaf zwart op. Richard Vedder kan er weer een streepje bij zetten.


Timman versus Schuring

Als enige speler van Eper schaakclub De 7 pionnen heeft Rein Schuring uit Oene tijdens de jubileumschaaksimultaan op 21 maart 2009 grootmeester Jan Timman beentje weten te lichten. De andere speler die dat lukte was Johan Redeker uit Hattem. Rein analyseert zelf zijn gewonnen partij.

Wit: Jan Timman
Zwart: Rein Schuring

1. d2-d4 Pg8-f6
2. c2-c4
Hier ben ik blij mee. Ik krijg de kans om het Budapester Gambiet te spelen. Dat klinkt
weliswaar erg “twintigerjaren” en scherp, maar biedt zwart overzichtelijk spel. Een
remiseopening.
2. e7-e5
3. d4xe5 Pf6-g4
4. Pg1-f3 Lf8-c5
5. e2-e3 Pb8-c6
6. Lf1-e2 Pfxe5
7. 0-0 0-0
8. Pb1-c3 d7-d6
Geen echt gambiet. Geen problemen voor de zwartspeler.
9. Pf3-d4 Lc8-d7
10. b2-b3 Tf8-e8
11. Lc1-b2
De simultaangever zet zijn stukken op goede posities. En ik? Ik manoeuvreer maar mee.
11. Lc5xd4
Ik vind mijn loper minder sterk dan zijn paard. Bovendien staat mijn toren al op de e-lijn.
Dat blijkt later van groot belang, maar dat wist ik op dat moment nog niet.
12. e3xd4 Pe5-g6
Als gezegd, overzichtelijk spel. Ik zit op mijn gemak.
13. g2-g3 a7-a6
De simultaangever onderneemt niets. En ik? Ik ook niet dus.
14. Le2-f3
Bij een simultaanpartij moet je altijd een zet paraat hebben. Want ineens is hij daar en
moet je zetten. In een gewone partij echter doet zich bijna altijd een moment voor waar
je een plan moet verzinnen. Zoals nu. Een overgangsmoment van slagorde naar slag. Hier
zou ik een kwartier denktijd – of meer – willen investeren. Maar dat ging niet. Vanuit
mijn ooghoeken zag ik hem naderen. Tom Poes verzin een list. Een zet dus maar omdat
het moest.
14. Dd8-f6
15. Pc3-d5 Df6-d8
16. Lf3-g2 Pg6-e7
17. Pd5-f4 Pe7-f5
18. d4-d5 Pc6-e5
19. Tf1-e1 Pe5-g6
Natuurlijk is er op het bord iets terug te vinden van het verschil in duizend elo-punten.
Er zijn echter geen complicaties of dreigingen. Doorgaan. Volhouden. Ik zit nog goed.
20. Pf4-h5?
Het is niet aan mij om de grootmeesterlijke zetten te beoordelen. Maar toen hij deze
paardzet deed mompelde ik iets als “das een rare”. Achteraf denk ik “das een fout” en
de grootmeester “das een blunder”. Maar das achteraf. Ik was weer aan zet. En ik
reageerde zonder aarzelen. Doen. Pats-boem.
20. Te8xe1
21. Dd1xe1 Dd8-g5
Schuring heeft het iniatief en dan is hij in zijn element. Maar dat wist Timman natuurlijk
niet. Ik zit niet lekker meer. Ik moet even wandelen. Even babbelen met Jan Berkhoff.
“Hoe gaat het?” “Nou, ik sta goed.” Ja ja, de middag duurt nog lang.”
22. De1-d1 Ta8-e8
23. Lb2-c1 Dg5-e7
24. Lc1-d2 Pf5-d4
25. Kg1-h1
Daar wordt zwart niet bang van.
25. De7-e2
Ik hoop, ik denk – ik sta beter! Adrénaline.
26. Ld1-c3 Pd4-c2
27. Ph5xg7 Pc2xa1
28. Dd1xa1 Te8-e7
29. Lc3-f6 De2-e1 +

De simultaangever geeft een hand en loopt door. IK HEB GEWONNEN!

Natuurlijk heb ik veel nagepraat over deze overwinning. En uiteraard heb ik de partij enige malen nagespeeld. Maar de hectische slotfase heb ik niet uitvoerig geanalyseerd. Fouten, varianten, soit. Ik vind van mezelf dat ik goed en met overtuiging heb gespeeld. Dat gevoel wil ik dan ook in stand houden. Analyseren is wijsheid achteraf. En achteraf kun je een koe in de kont kijken om met ex-Feijenoordtrainer Gert-Jan Verbeek te spreken. Op het bord moet het gebeuren. En op het bord is het gebeurd. Waarvan acte.