‘ZO MAAR EEN AVOND BIJ DE 7 PIONNEN’

Onderstaande partij is gespeeld op dinsdag 9 april. Het is een inhaalduel tussen Hans de Goede en Dirk van der Maarel. De witspeler moet frequent afzeggen wegens zijn werk/taak als raadslid. De zwartspeler is in de interne competitie dit seizoen zeer op dreef en bezorgde de koploper diens enige nederlaag dit seizoen.  De partij die zij speelden is spectaculair. De analyses zijn van Hans de Goede.

 

      Een partij, gespeeld op de clubavond van de 7 Pionnen. Na deze partij moest ik denken aan Michail Tal. Bekend om fraai aanvalsspel, niet altijd correct, maar doorgaans zo ingewikkeld dat zijn tegenstanders toch het onderspit delfden. Wie herinnert zich deze fantastisch spelende grootmeester nog, die veel te vroeg is overleden? Op de middelbare school hadden wij het altijd over zijn gewaagde aanvalsspel. Deze partij gaat een beetje in de voetsporen van de oud-wereld- en veelvuldig Russisch kampioen. De ‘Tovenaar van Riga’ speelde offers die niemand zou durven, maar in de praktijk wel werkten.

 

Wit: H. de Goede           Zwart: D. v.d. Maarel

 

1.e4 e6 2. d4 d5 3. Pc3 Lb4 4. Ld3 c6. Zowel wit als zwart kiezen voor een minder gebruikelijke en rustige openingsopzet in het Frans. 5. Pge2. De bedoeling van de witte opzet is om een dubbelpion te voorkomen op c3. 5. … h6. Voorzichtig. 6. a3 La5 7. Le3 b5 8. 0-0 Pe7 9. b4 Lb6 10. Pg3. Wit bereidt acties op de koningsvleugel voor. Een opmars van de f-pion f2-f4-f5 in combinatie met e4-e5 geeft wit veel spel. 10. … dxe4 11. Pxe4 Pd5. De witte opmars is voorkomen. Zwart heeft voor een schijnbaar solide opstelling gekozen, maar heeft zijn ontwikkeling verwaarloosd. Wit onderneemt actie.

diagram1

DIAGRAM Offer 1 met 12. Dg4?!

 

  1. Dg4?! Offer 1. Eigenlijk iets te gewaagd. Wit geeft zijn paard op c3 op. Hij krijgt daar twee pionnen op de koningsvleugel voor terug. De zwarte koning blijft voorlopig in het midden staan en kan een aanval verwachten. 12. … Pxc3 13. Dxg7 Tf8. Beter is 13. … Ke7 en zwart kan de boel bij elkaar houden. Dat is niet zo eenvoudig te zien. Zoals zwart nu speelt, kan wit uiteindelijk twee pionnen en een kwaliteit terugkrijgen voor zijn paard. Meer dan genoeg. Het zal nog wel tien zetten duren, voordat wit de zwarte toren op f8 slaat. 14. Lxh6 Dd6. Zwart heeft nauwelijks andere mogelijkheden. De zwarte toren op f8 moet worden gedekt. Wit staat lekker en zet zijn aanval door via het centrum.

diagram2

 

DIAGRAM Offer 2 met 15. Tad1!

 

  1. Tad1! Offer 2. Wit offert een kwaliteit. De ontwikkeling gaat door, een opmars d4-d5 wordt ondersteund. Wit geeft graag een toren om het actieve, zwarte paard van het bord te krijgen. Zwart gaat in op het aanbod. De ontwikkelingsachterstand van zwart lijkt almaar groter te worden. Als zwart zijn paard terughaalt, gaat het niet beter. Bijvoorbeeld 15. … Pd5. 16. Lxd5 cxd5 17. Tfe1 Pd7 18. Pf5 en wit heeft groot voordeel. 15. … Pxd1 16. Txd1 a5. Het plan van zwart om met a5 op de damevleugel tegenspel te zoeken, blijkt niet voldoende. Beter is 16. … Pd7. 17. Lf3. Wit heeft dan voldoende initiatief voor het geofferde materiaal. Beide partijen hebben kansen.

Zwart staat een toren voor tegen twee pionnen en lijkt zich voldoende veilig te voelen om tegenspel op de damevleugel te starten. Schijn bedriegt.

 

diagram3

DIAGRAM Offer 3 met 17. Lxc6+!!

 

  1. Lxc6+!! Offer 3. Daar had zwart absoluut niet op gerekend. Wit staat een toren achter en offert nog eens een loper. De loper stond in de weg. Wit heeft het veld e4 nodig om zijn paard van g3 met tempowinst in stelling te brengen op f6. 17. Ph5 werkt niet vanwege 17. … Pd7. Met 17. Lc6!! wordt niet alleen veld e4 vrijgemaakt, maar ook wordt het zwarte paard weggelokt van de verdediging van f6 en f8. De witte aanval moet wel doorslaan, anders blijft wit veel materiaal achter. 17. … Pxc6 18. Pe4 De7 19. Pf6+. Daar was het wit om te doen. 19. … Kd8.

Zwart heeft nu twee stukken meer.

 

diagram4

 

DIAGRAM Offer 4 met 20. d5

 

  1. d5 Offer 4. Wit biedt zijn d-pion aan om het centrum verder open te breken. Dat lijkt logisch en aantrekkelijk. De witte toren kijkt al naar de zwarte koning. Achteraf was 20. Lg5 de correcte zet. Bijvoorbeeld 20. … Kc7 (wat anders?) 21. Pd5+ exd5 22. Lxe7 Te8 23. Lc5 en wit houdt aanval en voordeel.

Zwart slaat het offer d5 af en probeert tegendreigingen te creëren via de a-lijn. 20. … axb4?  Zwart grijpt nu definitief mis. De oplossing ligt niet op de a-lijn. Hier had zwart zich kunnen en moeten redden met 20. … Pd4. Bijvoorbeeld 21. Dxf8+ Dxf8 22. Lxf8 axb4 23. Lxb4 en zwart staat iets beter.

Nu krijgt wit al het geofferde materiaal met rente terug en de zwarte koning blijft in onoverkomelijke problemen. 21. d6 Dxf6 22. Dxf6+ Kd7 23. Lxf8 Ke8 24. axb4. Wit zat inmiddels wat krap in de tijd en kiest voor veiligheid. Met slaan op b4 wilde wit tegenspel met bxa3 en druk via de a-lijn definitief voorkomen. 24. … Ld4 25. Dh6 Ld7 26. Lg7 Lc8 27. Lxd4 Pxd4 en zwart gaf op. Na 28. Dh8+ en 29. Dxd4 heeft zwart niets meer. Zo sta je twee stukken voor, zo sta je praktisch een dame achter.

 

diagram5

 

DIAGRAM Slotstelling na 27. … Pxd4

 

Tal speelde offers die niemand zou durven, maar wel werkten. Probeer het ook eens: het leidt tot fantastische schaakpartijen.

Epe, april 2019.


Thomas Beerdsen verslaat iedereen

 

Thomas Beerdsen aan het bord bij Henk Abels. (foto Marcel Rodewijk)

Thomas Beerdsen aan het bord bij Henk Abels. (foto Marcel Rodewijk)

 

 

 

 

100 procent score bij simultaan in Epe

Geen kruid tegen gewassen. Internationaal meester Thomas Beerdsen uit Apeldoorn blijkt sterker dan alle schakers van De Zeven Pionnnen samen. Nou ja, een beetje overdrijven mag natuurlijk ook wel. Feit is dat Thomas bij de simultaan in Epe alles en iedereen heeft verslagen. Een 100 procent score dus en dat is heel goed.

Thomas (18 jaar is hij) is geen onbekende bij De Zeven Pionnen. Diverse malen heeft hij deel genomen aan ons jaarlijkse rapidtoernooi en dat ook gewonnen. Ditmaal heeft de Eper vereniging hem uitgenodigd om het seizoen 2016 – 2017 af te sluiten. Het is een mooi en gezellig slot geworden. Niemand heeft echter Thomas kunnen bedreigen. Berry van der Wee, Peter Overbeek, Zeco Ugljanin en Henk Abels houden het lang vol en lijken misschien een remise binnen bereik te hebben. Maar ook zij moeten aan het eind van de avond berusten in het onvermijdelijke en hun koming omleggen.

De schrijver van dit stukkie speelde een korte en leuke partij.

wit: Thomas Beerdsen  zwart: Andries Elskamp

  1. e4 – c5 2. Pf3 – d6 3. d4 – cd4 4. Pd4 – Pf6 5. Pc3 – a6 De Najdorf van het Siciliaans en dat hebben we vaker tegen elkaar gespeeld, maar nog nooit ben ik zo van het bord geveegd als in deze partij.
    6. Le3 Eén van de vele mogelijkheden.
    6…. – Pg4 7. Lc4 Deze zet heb ik nooit gezien. Gebruikelijk is Lg5 en vervolgens h6 en eventueel g5. Het thema van 6. Lc4 is meteen duidelijk: druk op f7 via de loper en de open f-lijn.
    7… – Pe3 8. fe3 – e6 Op deze zet had ik mijn hoop gevestigd. Het lijkt een heel logische zet: onderbreekt de aanvalslijn van de loper en houdt veld d5 onder controle. Maar het blijkt later de verliezende zet en het is nog allemaal bijna geforceerd ook. De enig mogelijke zet is 8… – Pd7 en vervolgens Pe5 om veld f7 te dekken en de loper weg te lagen, vertelde Thomas na afloop. Wat volgt is vreselijk.
    9. 0 – 0 – Le7 10. Tf7!! Wanneer dit soort zetten goed zijn…
    10… – Kf7 11. Dg4 – Lf6 Wat anders? Is er nog een alternatief?
    12. Pe6 – Le6 13. De6 – Kg6 14. Df5 – Kh6 15. Dh3 – Kg6 ? Mogelijk en iets beter is nog 15… – Lh4. Maar dan komt de andere witte toren via Tf1 beslissend in het spel.
    16. Pe5 – h5 17. Pf4 – Kg5 18. Df5 – Kh4 19. g3 en mat. Schrale troost, aldus een belangstellende en humoristische omstander: zwart staat nog steeds een toren voor.

Veddervariant maakt weer slachtoffer

Bij snelschaak- en rapidpartijen is het altijd zaak niet in de truckendoos van je tegenstander te geraken. Mij overkwam het tijdens het rapidtoernooi 2016 in Epe. Tegenstander Richard Vedder uit Nijkerk en speler van En Passant heeft een variant en een opmerkelijk torenoffer op zijn naam staan. Hij en zijn broer Henk hebben al menig slachtoffer gemaakt met die variant. Nieuwsgierig? Tim Krabbé heeft er een heel leesbaar en aardig artikel aan gespendeerd (19 november 2005). Krabbé noemt de variant het Vedderoffer. Ik verloor er dus ook kansloos mee, maar dat is op zich geen schande. Tussen Vedder en ik gaapt een kwaliteitsgat van vele honderden Elo-punten. Desondanks, de Veddervariant en het Vedderoffer kende ik niet en die is dus ook best aardig. Het gaat zo:

wit: Richard Vedder
zwart: Andries Elskamp
Epe 20 februari 2016, zesde ronde

1. e4 – c5 2. Pf3 – d6 3. Pc3 – Pf6 4. e5  Een manier om vele varianten van de Najdorf te omzeilen.
4… – de5 5. Pe5 – a6 6. g3 Om deze zet gaat het, de nieuwe zet van de gebroeders Vedder. Hoewel nieuw, de zet stamt volgens Krabbé uit 1992 en zou achter het bord door broer Henk bedacht zijn.
6… – Dc7 7. d4 – cd4 8. Dd4 – Pc6 9. Pc6 – Dc6 10. Lg5

vedderdiagram

Stand na 10. Lg5

En dit is het torenoffer. ‘Dit kan niet waar zijn’, was mijn eerste gedachte achter het bord. Maar wanneer zwart het offer aanneemt ontstaan vele dreigingen, ingegeven door de ontwikkelingsvoorsprong van wit en de positie van de zwarte koning midden op het bord. Ik wilde het mezelf laten bewijzen en nam de toren. Dat stuk lachte ook zo vriendelijk tegen mij. ‘Neem me dan’, leek het te zeggen. Bovendien, wat is het alternatief voor zwart? Na afloop vertelde Richard mij dat de hele variant slecht is voor zwart. Hij staat nu al verloren. Alleen Sofia Polgar bereikte er met 10… – h6 op het nippertje nog remise mee. Zie de onvolprezen site van Tim Krabbé.
10… – Dh1 11. 0-0-0 – Pd7 12. Pd5! en wit won eenvoudig. Er volgde volgens mij nog iets in de trant van:
12… – Tb8 13. Lh3 – Dd1 14. Kd1 – f6 15. Pc7 – Kd8 16. Pe6 – Ke8 17. Lf4 – Ta8 18. Pc7 – Kd8 19. Ld7 – Ld7 20. Pa8 – e5 21. Db6 en na nog enkele zetten gaf zwart op. Richard Vedder kan er weer een streepje bij zetten.


Timman versus Schuring

Als enige speler van Eper schaakclub De 7 pionnen heeft Rein Schuring uit Oene tijdens de jubileumschaaksimultaan op 21 maart 2009 grootmeester Jan Timman beentje weten te lichten. De andere speler die dat lukte was Johan Redeker uit Hattem. Rein analyseert zelf zijn gewonnen partij.

Wit: Jan Timman
Zwart: Rein Schuring

1. d2-d4 Pg8-f6
2. c2-c4
Hier ben ik blij mee. Ik krijg de kans om het Budapester Gambiet te spelen. Dat klinkt
weliswaar erg “twintigerjaren” en scherp, maar biedt zwart overzichtelijk spel. Een
remiseopening.
2. e7-e5
3. d4xe5 Pf6-g4
4. Pg1-f3 Lf8-c5
5. e2-e3 Pb8-c6
6. Lf1-e2 Pfxe5
7. 0-0 0-0
8. Pb1-c3 d7-d6
Geen echt gambiet. Geen problemen voor de zwartspeler.
9. Pf3-d4 Lc8-d7
10. b2-b3 Tf8-e8
11. Lc1-b2
De simultaangever zet zijn stukken op goede posities. En ik? Ik manoeuvreer maar mee.
11. Lc5xd4
Ik vind mijn loper minder sterk dan zijn paard. Bovendien staat mijn toren al op de e-lijn.
Dat blijkt later van groot belang, maar dat wist ik op dat moment nog niet.
12. e3xd4 Pe5-g6
Als gezegd, overzichtelijk spel. Ik zit op mijn gemak.
13. g2-g3 a7-a6
De simultaangever onderneemt niets. En ik? Ik ook niet dus.
14. Le2-f3
Bij een simultaanpartij moet je altijd een zet paraat hebben. Want ineens is hij daar en
moet je zetten. In een gewone partij echter doet zich bijna altijd een moment voor waar
je een plan moet verzinnen. Zoals nu. Een overgangsmoment van slagorde naar slag. Hier
zou ik een kwartier denktijd – of meer – willen investeren. Maar dat ging niet. Vanuit
mijn ooghoeken zag ik hem naderen. Tom Poes verzin een list. Een zet dus maar omdat
het moest.
14. Dd8-f6
15. Pc3-d5 Df6-d8
16. Lf3-g2 Pg6-e7
17. Pd5-f4 Pe7-f5
18. d4-d5 Pc6-e5
19. Tf1-e1 Pe5-g6
Natuurlijk is er op het bord iets terug te vinden van het verschil in duizend elo-punten.
Er zijn echter geen complicaties of dreigingen. Doorgaan. Volhouden. Ik zit nog goed.
20. Pf4-h5?
Het is niet aan mij om de grootmeesterlijke zetten te beoordelen. Maar toen hij deze
paardzet deed mompelde ik iets als “das een rare”. Achteraf denk ik “das een fout” en
de grootmeester “das een blunder”. Maar das achteraf. Ik was weer aan zet. En ik
reageerde zonder aarzelen. Doen. Pats-boem.
20. Te8xe1
21. Dd1xe1 Dd8-g5
Schuring heeft het iniatief en dan is hij in zijn element. Maar dat wist Timman natuurlijk
niet. Ik zit niet lekker meer. Ik moet even wandelen. Even babbelen met Jan Berkhoff.
“Hoe gaat het?” “Nou, ik sta goed.” Ja ja, de middag duurt nog lang.”
22. De1-d1 Ta8-e8
23. Lb2-c1 Dg5-e7
24. Lc1-d2 Pf5-d4
25. Kg1-h1
Daar wordt zwart niet bang van.
25. De7-e2
Ik hoop, ik denk – ik sta beter! Adrénaline.
26. Ld1-c3 Pd4-c2
27. Ph5xg7 Pc2xa1
28. Dd1xa1 Te8-e7
29. Lc3-f6 De2-e1 +

De simultaangever geeft een hand en loopt door. IK HEB GEWONNEN!

Natuurlijk heb ik veel nagepraat over deze overwinning. En uiteraard heb ik de partij enige malen nagespeeld. Maar de hectische slotfase heb ik niet uitvoerig geanalyseerd. Fouten, varianten, soit. Ik vind van mezelf dat ik goed en met overtuiging heb gespeeld. Dat gevoel wil ik dan ook in stand houden. Analyseren is wijsheid achteraf. En achteraf kun je een koe in de kont kijken om met ex-Feijenoordtrainer Gert-Jan Verbeek te spreken. Op het bord moet het gebeuren. En op het bord is het gebeurd. Waarvan acte.